Hogere inflatie als redder van de bedrijfswinsten in de eurozone

Ride_Rescue_Cowboy_Horse_Silhouette_Leading
Download PDF

Het macro-economische klimaat lijkt in 2017 een rooskleurig beeld te schetsen voor Europese aandelen. Wel blijft er een hardnekkige kloof tussen Europese en Amerikaanse bedrijfswinsten bestaan. Volgens Dylan Ball, executive vice president van Templeton Global Equity Group, zou dat wel eens kunnen veranderen. Hij meent dat het vooruitzicht van een hogere inflatie in de hele eurozone de katalysator zou kunnen zijn waardoor die kloof kan worden gedicht.

Dylan Ball

Dylan Ball

Dylan Ball, ACA
Executive Vice President 
Templeton Global Equity Group

Na een jaar waarin het wereldwijde nieuws overheerst werd door politieke verrassingen, worden volgens ons stilaan de contouren zichtbaar van een positief jaar voor Europese aandelen. En dat werd tijd.

Uit de recente ervaring blijkt dat de aandelenmarkten politieke gebeurtenissen over het algemeen maar moeilijk kunnen inprijzen. Wij zijn echter van oordeel dat de aandelenmarkten op lange termijn niet door politieke factoren worden bepaald. Wel biedt de politiek op korte termijn kansen om te profiteren van trends op langere termijn.

Als waardebeleggers verkiezen we een iets langere beleggingshorizon en trachten we volatiliteit te beschouwen als een kans om ondergewaardeerde bedrijven te identificeren.

Een positief macro-economisch klimaat

Een gedevalueerde euro, de aantrekkende kredietcyclus en de afbouw van het besparingsbeleid in het hele continent zijn allemaal factoren die voor Europese aandelen over het algemeen als positief worden beschouwd.

Wat volgens ons in 2017 nog belangrijker is voor de beleggingscategorie, is het vooruitzicht van een hogere inflatie, die er inmiddels lijkt aan te komen. Inflatie zou volgens ons voor de Europese bedrijfswinsten een positief gegeven moeten zijn.

Traditioneel heeft de inflatie doorgaans een achterstand van drie tot vier maanden op ontwikkelingen in de prijzen voor energie en grondstoffen. In september vorig jaar had de olieprijs zich van zijn historische dieptepunt hersteld tot een niveau van circa USD 50 per vat. Het effect van die prijsstijging komt nu tot uiting in de inflatiecijfers. Daaruit leiden we af dat Europa mogelijk klaar is om de heersende 1% tot 2% inflatie in te ruilen voor een inflatie van 3% à 4%.

Waarom is dit belangrijk voor de Europese bedrijfswinsten?

Na verschillende jaren bestaat er nog steeds een hardnekkige kloof tussen de Amerikaanse en Europese bedrijfswinsten. De Europese bedrijfswinsten liggen momenteel nog steeds 60% lager dan enkele pieken die tijdens de periode van 2008/2009 werden gehaald, terwijl de Amerikaanse bedrijfswinsten 10% boven hun niveaus van acht of negen jaar geleden liggen.[1]

european companies

Waarnemers hebben voor dit verschil een aantal mogelijke redenen aangehaald, onder meer een bewering dat het door de Europese Centrale Bank gevoerde monetaire beleid niet effectief kan werken zonder een gemeenschappelijk fiscaal beleid.

Een andere suggestie is dat aandeleninkoopprogramma’s in de Verenigde Staten een positieve impact hebben op de bedrijfswinsten, aangezien het belastingstelsel daar traditioneel gunstig is voor dergelijke maatregelen.

De allerbelangrijkste reden waarom de Europese bedrijfswinsten hun Amerikaanse peers maar niet kunnen bijbenen, is volgens ons dat de winstmarges in Europa nog niet volop zijn hersteld.

Waarnemers kunnen dan wel heel gemakkelijk stellen dat de Europese arbeidsmarkt niet zo concurrerend is als de Amerikaanse en veel minder flexibel reageert op de lagere vraag, maar volgens ons is dat niet het geval. Naar onze mening zijn de arbeidskosten in Europa uiterst concurrerend.[2]

Volgens ons is het onderliggende probleem veeleer de prijsstelling.

Europese bedrijven zijn doorgaans prijsnemers. Als de inflatie daalt, dan verlagen Europese bedrijven hun prijzen om met hun Amerikaanse en Aziatische tegenhangers te kunnen concurreren. Als de inflatie weer stijgt, dan beslissen Europese bedrijven doorgaans om hun prijzen te verhogen.

Dus zodra Europese bedrijven reageren op de hogere inflatie, verwachten we dat het verschil in de bedrijfswinsten met de Verenigde Staten afneemt.

Inflatie: goed voor Europa, goed voor waardebeleggers

De wereld wordt al acht tot negen jaar gekenmerkt door deflatie. Als tegendraadse belegger hebben we tijdens die periode posities genomen in bedrijven die het goed doen wanneer er geen inflatie is. Als de inflatie weer stijgt, rekenen we dan weer op een herwaardering van industriële en financiële aandelen en aandelen uit de olie- en gassector.

En terwijl we het landschap voor Europese aandelen proberen in te schatten, lijkt die opwaardering ons een kans te bieden voor rendementen op lange termijn.

Hoe duurzaam is de verwachte inflatie?

Volgens ons zijn er een aantal factoren die wijzen op een langere periode van hogere inflatie in heel Europa.

Ons basisscenario gaat uit van hogere prijzen voor olie en grondstoffen, aangezien een aantal belangrijke grondstoffenprijzen volgens ons tekenen hebben vertoond dat ze in het tweede of derde kwartaal van 2016 hun laagste peil hebben bereikt.

Dat groeitempo wordt wellicht in stand gehouden als de infrastructuuruitgaven in de Verenigde Staten en Europa worden opgevoerd.

De olieprijzen worden nog steeds bepaald door het aanbod. We kunnen de toekomst niet voorspellen, maar uit ons onderzoek en onze berekeningen blijkt dat de wereldwijde vraag naar olie een prijs van boven het recente niveau van USD 55 per vat wel aankan.

De vraag naar olie blijft wereldwijd immers met 1% tot 2% per jaar toenemen.[3] Hoewel er aan die hogere vraag weliswaar enigszins kan worden voldaan door een groter aantal Amerikaanse boorplatformen, lijken de leden van de olieproducerende en exporterende landen (OPEC) bereid om hun productie te beperken om een hogere olieprijs te bewerkstelligen.

In de tussentijd hebben we tijdens enkele studiereizen in Europa een aantal aanwijzingen vastgesteld dat het debat over stimuleringsmaatregelen verschuift van het monetaire beleid naar het begrotingsbeleid.

Sommigen stellen dat als de Amerikaanse president Donald Trump een stimulerend begrotingsbeleid voert en overheidsgeld besteedt aan infrastructuur, dat enkele Europese landen, bijvoorbeeld Duitsland, dan een vergelijkbare koers zouden kunnen overwegen.

En als de regering-Trump haar meer protectionistische agenda doordrukt die in de presidentscampagne zo duidelijk aan bod is gekomen, dan zou ook dat een inflatieverhogend effect kunnen hebben door de hogere importprijzen.

De verklaringen, meningen en analyses in dit document zijn enkel bedoeld ter informatie en mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of als een aanbeveling om in enig effect te beleggen of om enige beleggingsstrategie te volgen. Omdat de markt en de economie snel kunnen evolueren, gelden de verklaringen, meningen en analyses enkel op de datum van de publicatie en kunnen ze zonder kennisgeving worden gewijzigd. Dit document is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt, sector, belegging of strategie.

U kunt meer inzichten van Franklin Templeton Investments in uw inbox ontvangen door in te schrijven op de Beyond Bulls & Bears-blog.

Voor tijdige beleggingstips kunt u ons volgen op Twitter @FTI_Belgium; @FTI_Nederland en op LinkedIn.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. De waarde van beleggingen kan zowel dalen als stijgen en beleggers krijgen mogelijk niet het volledige ingelegde bedrag terug. Aandelenkoersen vertonen soms snelle en scherpe schommelingen als gevolg van factoren die een invloed hebben op individuele bedrijven, specifieke sectoren of bedrijfstakken, of op de algemene marktomstandigheden. De koers van waardeaandelen stijgt mogelijk niet zoals verwacht, of kan verder dalen. Een portefeuille die zich van tijd tot tijd toelegt op specifieke landen, regio’s, sectoren, bedrijfstakken of soorten beleggingen, kan onderhevig zijn aan grotere risico’s van nadelige ontwikkelingen in die specifieke aandachtsgebieden, dan een portefeuille die belegt in een ruimere waaier van landen, regio’s, sectoren, bedrijfstakken of beleggingen. Beleggingen in het buitenland houden speciale risico’s in, zoals wisselkoersschommelingen, een onstabiel economisch klimaat en politieke ontwikkelingen.

Bron:[1] FactSet. Europa en de Verenigde Staten worden respectievelijk gedefinieerd door de MSCI Europe Index en de MSCI USA Index. MSCI geeft geen garanties en kan niet aansprakelijk worden gesteld voor enige gegevens van MSCI die in dit document zijn gereproduceerd. Verdere herverdeling of gebruik ervan is niet toegelaten. Dit verslag werd niet voorbereid of ondersteund door MSCI. Ga naar http://www.franklintempletondatasources.com voor meer informatie over de gegevensverstrekker. Alle gegevens zijn per 31 december 2016. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Indexen worden niet beheerd en er kan niet rechtstreeks in worden belegd. Ze zijn exclusief vergoedingen, uitgaven of verkoopkosten.

[2] Eurostat, december 2016.

Bron:[3] Internationaal Energie Agentschap, ‘Oil Market Report’, gegevens voor 2016 en prognose voor 2017. Er kan niet worden gegarandeerd dat schattingen, verwachtingen of prognoses werkelijkheid zullen worden.

The post Hogere inflatie als redder van de bedrijfswinsten in de eurozone appeared first on Beyond Bulls & Bears.

Reacties zijn gesloten.