Keith Wade (Schroders): Twijfels over optimisme

Ondanks voorspellingen van een ineenstorting van de aandelenmarkten, heeft de verkiezing van Donald Trump als president van de Verenigde Staten een aandelenrally veroorzaakt. De zorgen dat de nieuwe president chaos en verwarring zou brengen zijn opzij gezet en in plaats daarvan proberen beleggers te profiteren van de huidige Trump reflation trade. Rendement op obligaties loopt op, rentecurven worden steiler en cyclische waarden rallen. Het zijn tekenen dat economische groeiverwachtingen toenemen, maar Keith Wade, hoofdeconoom bij Schroders betwijfelt of dit optimisme terecht is.

De rally in Amerikaanse aandelen heeft navolging gekregen in andere ontwikkelde markten. Echter, ondanks de terugkeer naar cycliciteit, hebben de opkomende markten niet kunnen profiteren en staan zij onder hun pre-electorale niveaus. Kortom, het lijkt erop dat beleggers zich volledig hebben ingekocht in Trump’s belofte “make America great again”. Zij verwachten dat economische activiteit zal toenemen en handelsovereenkomsten gunstiger zullen uitpakken voor de VS. Inflatie en rente lopen op, de US dollar heeft aan kracht gewonnen en kapitaal stroomt uit de opkomende markten, die als de verliezers in de nieuwe wereld van Trump worden gezien.

In dit stadium heeft Trump’s reflation trade momentum. Beleggers springen maar al te graag op de rijdende trein. Echter, de impact van het begrotingsbeleid van de nieuwe president zal niet eerder worden gevoeld dan eind 2017. Daarnaast is er ook een aantal lastig te nemen hobbels voordat maatregelen van kracht worden. Het begrotingstekort zal naar verwachting aanzienlijk stijgen als Trump’s plannen worden uitgevoerd. En dat is voor veel Republikeinen die de impact op het begrotingstekort vrezen, een brug te ver. Zij zullen dan ook belastinghervorming wenselijker achten dan belastingverlaging. De voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, Paul Ryan, heeft al duidelijk gemaakt dat de Republikeinen graag een begrotingstekort-neutrale belastinghervorming willen zien.

Uiteindelijk zijn het de welvarendste Amerikanen die het meest van de eventuele belastingverlagingen profiteren. Geschat wordt dat het inkomen van de top 1% (Amerikanen met een inkomen boven de USD 1 miljoen) stijgt met 14%. De middengroep van de inkomensverdeling kan 2% inkomensstijging tegemoet zien. Sommigen zien deze concentratie van voordelen in de handen van degenen die verondersteld worden welvaart te creëren als gunstig, maar in de praktijk blijkt een dergelijke inkomensstijging eerder te worden opgepot in plaats van uitgegeven, waardoor de gunstige impact op de economie minder is dan verondersteld.

Volgens Wade kan timing hier een probleem zijn: infrastructuurplannen moeten worden goedgekeurd en uitgevoerd en vaak wordt de stimulus pas gevoeld nadat de oorspronkelijke voorstellen werden gedaan. Bovendien gaan de huidige plannen ervan uit dat de private sector in de infrastructuur zal investeren doordat de overheid subsidie verleent in de vorm van een belastingvoordeel, in plaats van dat de overheid zelf direct investeert in de infrastructuur. Er is een risico dat het veel tijd zal vergen voordat de private sector hiervoor warmloopt.

Zo zijn er politieke en economische redenen om vraagtekens te plaatsen bij de omvang van Trump’s stimuleringsplannen. In de praktijk hoeft dit volgens Wade niet verkeerd uit te pakken. Een te grote economische boost vergroot het risico op oververhitting van de Amerikaanse economie. Een kleinere stimulans zou minder inflatie, minder monetaire verkrapping van de Fed en waarschijnlijk een zwakkere US dollar betekenen. Dit zou op zijn beurt ook wat druk die de opkomende markten nu voelen, kunnen wegnemen. Echter, op dit moment lijken markten niet te anticiperen op problemen veroorzaakt door vertragingen door het Congres, of door het stimuleren van de economische groei. Het huidige heersende optimisme wordt waarschijnlijk in de loop van 2017 in twijfel getrokken als het tot een herwaardering van de Trump’s plannen komt.